Speeltuinen in slechtste staat ooit

Toen enkele maanden geleden de kop “Zeven op de tien gecontroleerde speelpleinen voldoen niet aan de veiligheidsregels” in Het Nieuwsblad verscheen, schrikte dat veel ouders en scholen op. De FOD Economie voerde het afgelopen jaar zo’n 300 inspecties uit, en bij ongeveer 70% daarvan werden tekortkomingen gerapporteerd. Maar wat betekenen die cijfers nu eigenlijk? Moeten we ons zorgen maken over de veiligheid van de speeltuinen waar kinderen dagelijks spelen? En hoe wordt veiligheid in deze context precies beoordeeld?
Om dat te verduidelijken, gingen we praten met Filip De Jaeger, Chief Services Officer & Product Manager Hout bij Fedustria. Binnen deze federatie vertegenwoordigt Recreabel de bedrijven actief in de recreatiesector.

Wat doet Recreabel precies?

Recreabel bundelt de belangen van bedrijven die speeltoestellen en recreatieve omgevingen creëren. Hun focus ligt op het stimuleren van kwaliteit én veiligheid in openbaar spel. Ze onderhouden intensieve contacten met overheden, terreinbeheerders en gebruikers. Daarbij streven ze naar omgevingen waar kinderen veilig kunnen spelen zonder dat de speelwaarde verloren gaat. Ook kennisdeling en samenwerking binnen de sector behoren tot hun kerntaken.

70% voldoet niet? “Die cijfers vragen meer nuance”

Volgens De Jaeger klinkt het cijfer van 70% alarmerend, maar is dat zonder context misleidend.

“Een groot deel van die vaststellingen betreft administratieve onvolkomenheden,” legt hij uit. “Denk aan ontbrekende attesten, een onvolledige risicoanalyse of het ontbreken van een planning voor inspecties en onderhoud. Dat zijn zaken die wél in orde moeten zijn, maar niet meteen een acuut veiligheidsrisico vormen. Bij gebrekkig onderhoud ligt dat anders: dat kan wél direct gevaar opleveren. Het is dus cruciaal om onderscheid te maken tussen administratieve en technische tekortkomingen.”

Waarom leiden risicoanalyses zo vaak tot discussie?

De controlediensten en fabrikanten botsen regelmatig op interpretatieverschillen over risicoanalyses. Ligt dat aan de Europese normen EN 1176 en EN 1177?

De Jaeger:

“Die normen zijn technisch en beschrijvend, maar bewust niet volledig zwart-wit. Ze moeten innovatief ontwerp toelaten. De normen bieden daarom een ‘vermoeden van veiligheid’, geen absolute garantie. Bovendien zijn ze niet verplicht: wie ervan afwijkt, moet aantonen via een risicoanalyse dat het toestel alsnog veilig is.”

Nieuwe toestellen of creatief ontworpen structuren wijken soms af van de standaardmodellen in de norm. Ook het gebruik van natuurlijke materialen, zoals robiniahout, zorgt voor variatie waar de normen niet altijd sluitend over zijn.

In de voorbije jaren wijzigde bovendien de interpretatie van FOD Economie over hoe uitgebreid risicoanalyses moeten zijn. Daardoor was extra overleg nodig om de verwachtingen weer duidelijk te krijgen. Op een recente bijscholing lichtte de FOD die nieuwe uitgangspunten toe aan de sector.

hybride gras helling

Hoe ziet een goed uitgewerkte risicoanalyse eruit?

Voor scholen die speelplaatsen beheren, is een doordachte risicoanalyse essentieel. Die moet volgens het Koninklijk Besluit drie stappen omvatten:

  1. Gevaren identificeren
  2. Risico’s bepalen
  3. Risico’s evalueren

 

Daarbij worden niet alleen technische normen gebruikt, maar ook elementen zoals speelwaarde, verwacht gebruik, het gedrag van kinderen en wat maatschappelijk als “aanvaardbaar risico” geldt. Volgens De Jaeger:

“Het doel van een risicoanalyse is mensen laten nadenken. Het is geen exacte wetenschap: het blijft deels een subjectieve inschatting die tot een gezamenlijke beslissing moet leiden.”

Werkt de sector aan meer uniformiteit?

Omdat risicoanalyses vaak bron van discussie zijn, werkt Recreabel samen met o.a. NCVS en Speelom aan meer duidelijkheid. Ook binnen het Europese normalisatiecomité wordt momenteel gewerkt aan zogenaamde rationales: toelichtingen bij de normen die achterliggende overwegingen verduidelijken. Die moeten uiteindelijk onderdeel worden van de Europese normenreeks zelf.

Hybride Gras: Een Primeur in België bij Freinetschool De Tinteltuin in Zoutleeuw

Waar lopen fabrikanten en uitbaters vandaag op vast?

Bij kleinere producenten ontbreekt soms duidelijke documentatie, bijvoorbeeld over onderhoudsrichtlijnen. Uitbaters hebben dan weer vaak geen sluitend systeem om aan te tonen dat inspecties en onderhoud correct en tijdig gebeuren.

Onderhoud: nog steeds het grootste probleem

Uit inspecties blijkt dat vooral onderhoud een pijnpunt blijft. Veel voorkomende tekortkomingen:

  • slecht onderhouden valdempende ondergronden
  • knel- en klemgevaar door verouderde of halfslachtige herstellingen

Deze risico’s zijn voor kinderen moeilijk in te schatten, waardoor ze snel te gevaarlijk worden.

“Wie preventief onderhoud plant, bespaart op lange termijn net kosten en houdt risico’s beter onder controle.”

Hybride Gras: Een Primeur in België bij Freinetschool De Tinteltuin in Zoutleeuw

Waar lopen fabrikanten en uitbaters vandaag op vast?

Bij kleinere producenten ontbreekt soms duidelijke documentatie, bijvoorbeeld over onderhoudsrichtlijnen. Uitbaters hebben dan weer vaak geen sluitend systeem om aan te tonen dat inspecties en onderhoud correct en tijdig gebeuren.

Wordt onderhoud genoeg meegenomen in aanbestedingen?

De rapportplicht van een jaarlijkse hoofdinspectie wordt meestal opgevolgd, maar gepland preventief onderhoud nauwelijks. Vaak weten opdrachtgevers niet goed wat nodig is, of ontbreekt er budget voor.

Daarom werkt Recreabel samen met Speelom aan een nieuwe gids voor aanbestedingen, die duidelijk maakt hoe jaarlijkse controles en onderhoud in bestekken kunnen worden opgenomen.

Tiger mulch installatie bij basisschool op dreef in Merksem
Hybride Gras: Een Primeur in België bij Freinetschool De Tinteltuin in Zoutleeuw

Hoe blijven scholen en ouders gerust?

De Jaeger benadrukt dat ouderlijke ongerustheid niet nodig is wanneer processen goed worden gevolgd:

“Wie vanaf het ontwerp aandacht heeft voor risico’s, heeft later nauwelijks grote problemen.”

Zouden inspectielabels helpen?

Een zichtbaar label lijkt aantrekkelijk, maar volgens Recreabel is het geen goed idee:

“Zo’n label geeft een vals gevoel van veiligheid. Speeltoestellen veranderen door gebruik en slijtage, en hebben dus regelmatig inspectie nodig. Een label zegt niets over de toestand op een willekeurig moment.”

Zouden inspectielabels helpen?

De innovaties zitten momenteel vooral in het creëren van rijke speelervaringen. Materialen variëren steeds meer: van natuurlijk hout tot gerecycleerde kunststoffen. Elk materiaal vraagt specifieke aandacht op het vlak van veiligheid.

Modulaire toestellen worden populairder, maar de veiligheid hangt dan niet alleen af van de modules zelf: ook de manier waarop ze gecombineerd worden is belangrijk.

Wat valdemping betreft blijven natuurlijke materialen zoals zand, houtsnippers en schors het meest doeltreffend. Kunststof ondergronden worden ingezet waar natuurlijke materialen minder bruikbaar zijn. Soms volstaat zelfs gewoon goed onderhouden gras.

Heeft dit artikel je getriggerd en wil je zelf eens horen achter de mogelijkheden van periodiek onderhoud voor jouw speelplein of sportveld?

Hybride gras: een primeur in belgië bij Freinetschool de tinteltuin in Zoutleeuw

Word jij ook een gamechanger?